vrijdag 11 januari 2013
zondag 15 april 2012
Tagliatelle met spinaziesaus en ovengedroogde tomaatjes
6 pruimtomaatjes/romatomaatjes
verse tagliatelle voor 4 psn
500 gr verse spinazieblaadjes (1 zak)
100 ml room (mag light zijn)
1 ui
2 teentjes look
groentebouillon
parmezaanschilfers
olijfolie/boter
Ook nodig: Mixer
Was de spinazie en de tomaatjes. Snijd elk tomaatje in een 6-tal partjes.
Bekleed een bakplaat/ovenvorm met bakpapier/aluminiumfolie en leg de tomaatpartjes erop.
Schuif in een oven van 200°C op gewone warmeluchtstand roosteren gedurende ong. een halfuur,
tot ze er mooi gedroogd uitzien. Als je wil, kun je ze eerst wat kruiden met peper, zout en/of Italiaanse kruiden en een likje olijfolie.
Intussen snipper je de ui en de look en stoof je ze aan in wat olijfolie of boter tot ze glazig zijn.
Vervolgens de spinazieblaadjes toevoegen. Dit doe je best in delen, want je zou al een heel grote pot nodig hebben om ze er allemaal in te krijgen. Telkens wanneer een deel geslonken is (gaat sneller met deksel op de pot), voeg je het volgende deel rauwe blaadjes toe.
Roer goed, zodat de reeds geslonken blaadjes niet onderaan in de pot blijven liggen.
Wanneer alle blaadjes in de pot zitten en bijna helemaal geslonken zijn, voeg je de room toe.
Je voegt meteen ook de bouillon toe (water + bouillonblokje).
Begin best met niet te veel: een 100 à 150-tal ml water.
Het bouillonblokje smijt je er gewoon bij,
dit zal rap opgenomen worden in de warme vloeistoffen.
Kook nu ook je tagliatelle in ruim voldoende gezouten water,
volgens de aanwijzingen op het pakske.
Eenmaal alles goed warm is en het bouillonblokje verdwenen is, mag je de saus mixen.
Kruid met peper (geen zout, je bouillon is al zout genoeg).
Als ze nog te vast lijkt, kun je nu nog water toevoegen (opnieuw even laten doorwarmen dan).
Giet de tagliatelle af.
Maak een bordje met eerst tagliatelle, daarop spinaziesaus en werk af met een 8-tal tomaatjes.
Garneer ten slotte met parmezaanschilfers (hou ik van, ik doe er best wel veel op).
Smakelijk!
zondag 22 mei 2011
zuiderse rundertartaar
Een heerlijk zomers hoofdgerechtje, geserveerd met frietjes,
of een feestelijk voorgerechtje met wat groene garnituur.
Mijn vriend, die 10 jaar vegetariër geweest is, vindt dit nog steeds één van de lekkerste vleesgerechtjes die hij gegeten heeft sinds hij weer carnivoor is, en daar ben ik het volledig mee eens.
Ingrediënten voor 4 personen, als hoofdgerecht:
700 gram superverse rundsfilet
50 gr pijnboompitjes, lichtjes geroosterd in de pan
ong. 8 halfzongedroogde tomaatjes
ong. 10 groene of zwarte olijfjes
50 gr. rucola
30 gr parmezaanse kaas, in schilfers
6 el olijfolie van goede kwaliteit
peper en zout
Neem een grote kom waar alles in ruimschoots in past, zodat je straks zonder morsen alles goed kunt mengen.
Begin met de olijfjes en tomaatjes: snij ze in kleine stukjes en doe ze in de kom. Doe het zelfde met 2/3 van de rucola en met 2/3 van de parmezaanschilfers. De rest hebben we straks nodig als garnituur voor bovenop het tartaartorentje.
Snij ook de geroosterde pijnboompitten grof met een groot mes, en voeg ze bij de rest.
Ten slotte neem je de runderfilet (en dit is het lastigste werkje) en snij nu ook deze met een mes in flinterdunne plakjes, om vervolgens deze dunne plakjes ook in kleine stukjes te snijden. Dit schijnt nog beter te gaan wanneer je het vlees vooraf een halfuur in de diepvries legt.
Doe ook dit bij de andere ingrediënten in de kom, en meng alles goed samen met de olijfolie. Kruid met peper en zout.
Neem nu een dresseerring (van mij is dat een afgezaagd stuk sanitaire buis), leg ze op de juiste plaats op het bord en vul ze mooi op met het mengsel. Duw goed aan met de bolle kant van een lepel.
Verwijder voorzichtjes de dresseerring en garneer het torentje met de achtergehouden parmezaanschilfers en rucola.
Serveer met een eenvoudig slaatje en lekkere, verse frietjes.
Délicieux!
vrijdag 15 april 2011
appeltaart met amandelen
Deze taart ziet er zeer professioneel uit, en het is een zeer bewerkbaar deeg, dat niet te snel scheurt en een prachtig resultaat geeft na het bakken. Zeker de moeite dus om het zelf te maken!
Ingrediënten voor het deeg:
100 gr kristalsuiker
75 gr amandelspijs (desnoods marsepein als je geen spijs kunt vinden)
300 gr gewone bloem
190 gr boter op kamertemperatuur
2-tal el water
Ingrediënten voor de vulling:
5 appels die geschikt zijn voor bakken (ik nam jonagold) 100 gr gemalen amandelen (amandelpoeier)
100 gr amandelschilfers (+ beetje extra om te bestrooien)
100 gr kristalsuiker
2 eieren
2 zakjes vanillesuiker
1 el water (enkel als vulling te droog oogt)
Materiaal:
plasticfolie
bakpapier kan handig zijn
bakvorm (makkelijkst met springvorm) van ong. 24 cm
rasp, liefst met grote gaatjes
een mixer met kloppers of een handklopper + engelengeduld + ferme biceps
Begin met je deeg, want dit moet een halfuurtje rusten in de frigo. Doe alle ingrediënten voor het deeg in een mengkom (de amandelspijs en boter doe je in stukjes) en meng het geheel met je handen en vingers tot een kruimelijk, maar homogeen deeg. Het water voeg je telkens een beetje toe wanneer de massa nog teveel uit mekaar valt. Zodra het deeg enigszins consistent is (daarom is niet alles één bal die aan mekaar blijft, maar kun het wel met je handen samenbrengen en samenduwen, en het daarna dan ook samenblijft), scheur je een stuk plasticfolie af, waar je het deeg in verpakt en vervolgens een halfuurtje in de koelkast legt.
Terwijl het deeg in de frigo rust, kun je alvast beginnen met je vulling. Zelf gebruikte ik gewoon de mengkom van het deeg opnieuw. Hierin meng je het amandelpoeder met de amandelschilfers. Scheid de eieren en klop de eierdooiers op met de vanille- en kristalsuiker, tot een lichte crème. Schil de appels en verwijder het klokhuis en rasp 3 appels (dit gaat het makkelijkst met appelhelften) met de grove rasp.
De geraspte appel en de geklopte dooiers gaan nu bij de amandelen. Ten slotte klop je ook nog de twee eiwitten stijf (met de mixer!), en spatel je deze kort door de rest van de vulling. Zet dit (liefst koel) aan de kant tot je ze nodig hebt.
Neem het deeg uit de koelkast en rol uit met een deegrol (wijnfles lukt ook prima) tot een dikte van ongeveer een halve centimeter. Plakt je deeg teveel aan je deegrol, bestuif dan zowel de deeglap als de deegrol rijkelijk met bloem. Lukt ook dit niet, geen paniek dan: rol het deeg dan gewoon uit tussen twee grote stukken bakpapier, dit gaat echt probleemloos.
Leg het deeg voorzichtig (zonder eraan te trekken) in de ingevette bakvorm. Duw hem voorzichtjes overal mooi tegen de randen, en wanneer je zeker bent dat hij mooi op zijn plaats ligt, kun je met de muis van je hand voorzichtjes de overschotten deeg op de rand van de vorm afduwen.
Verwarm de oven voor op 180°C.
Schil de overige twee appels en snijd ze in plakjes. Smelt een klontje boter in de microgolf (en in een potje, uiteraard). Doe al de vulling op het deeg, strijk mooi glad en dek af met de appelpartjes in waaiervorm. Bestrijk met een kwastje de bovenkant van de appeltjes met de gesmolten boter. Strooi er tenslotte nog de extra amandelschilfers over.
Bak de taart 40 minuten: 20 minuten in het midden van de oven, leg er vervolgens een stuk bakpapier of aluminiumfolie bovenop, en bak ten slotte nog eens 20 minuten.
Eet warm op met een bolletje vanille-ijs of laat volledig afkoelen in de vorm.
Dit is een taart waar je wel eventjes werk aan hebt, maar ze is zo mooi! Smakelijk!
zondag 3 april 2011
Truffels van zwarte chocolade met Baileys
Truffels maken is zó veel makkelijker dan veel mensen denken. Dit receptje bewijst dit. Absoluut niet veel werk en het resultaat is echt onovertroffen.
voor ongeveer 24 truffels:
150 gr pure chocolade
4 eetlepels room
2 eetlepels Baileys of een andere likeur
50 gr (witte) chocolade, geraspt
Breek de chocolade in stukjes en smelt ze samen met de room au bain marie,
roer nu en dan eens.
(of doe zoals ik: smelt de chocolade voorzichtig in de microgolf, roer de room erdoor en verwarm nog eens 30 seconden in de microgolf en roer goed door tot een homogene substantie) Voeg de Baileys of likeur toe en roer goed door.
Laat het mengsel goed afkoelen en zet minstens een halfuur in de koelkast.
Eenmaal het mengsel mooi gehard is in de koelkast, kun je er truffels van rollen.
Tref eerst enkele voorbereidende werken, die je met vuile handen niet kunt doen:
Leg een bord of bakplaat klaar met bakpapier, en een bord met geraspte witte chocolade.
Neem nu telkens mooi volle theelepels van je harde mengsel en rol hiervan een mooi balletje. Werk snel en precies, want door de warmte van je handen smelt de chocolade en zo kun je al snel niets meer met de truffel aanvangen.
Wanneer je een mooi balletje hebt, wentel je dit met je vingertop door de geraspte (witte) chocolade, of cacaopoeder, kokosschilfers, hagelslag,...
Leg de afgewerkte truffel op het bakpapier en werk zo verder. Zodra je bord/bakplaat vol ligt met truffels, plaats je deze in de frigo, waar ze een uurtje kunnen opstijven.
Bewaar de truffels ook in de frigo.
Eenmaal gemaakt zul je deze lekkernijtjes zeker nog vaker uitproberen!
maandag 3 januari 2011
Heerlijk luchtige madeleines
Nooit gedacht dat koekjes zonder chocolade zo lekker konden zijn. Maar ik moet u wel waarschuwen: hoe verser, hoe héérlijker. De dag zelf dat ze gebakken werden, zijn ze het lekkerst: met een dun krokant laagje aan de buitenkant en heerlijk zacht en luchtig vanbinnen.
En het recept is echt simpel. Het enige wat je je toch zeker moet aanschaffen, is wel een madeleinebakvorm, anders raak je er niet ver mee. (Geloof mij, na een mislukt experiment met madeleinedeeg in siliconen paasei-vormpjes, weet ik waarover ik spreek ;-))
Ingrediënten:
3 eieren
150 gr bloem
1/2 tl bakpoeder
100 gr bakboter (ongezouten)
100 gr fijne kristalsuiker
Je begint best met je boter te smelten, dan kan ze al wat afkoelen. Smelt dus je boter, roer ze eens goed door, en zet aan de kant.
Neem een deegkom, breek er je drie eieren in en voeg de suiker toe. Klop de eieren met de suiker tot je een bleke, dikke massa krijgt. Dit doe je best met de kloppers van een mixer. (Met een gewone handklopper heb je serieuze armspieren en een engelengeduld nodig.) Wanneer de massa ingedikt is, en je de indruk hebt dat het niet meer verder indikt, mag je stoppen met kloppen. Met de mixer duurt dit zo'n 3-tal minuutjes.
Vervolgens voeg je je gezeefde bloem en bakpoeder toe, je mengt alles tot het mooi homogeen is, maar ook niet langer dan dat (kwestie van ze luchtig te houden : als je te lang blijft roeren, maak je de luchtbelletjes kapot).
Ten slotte voeg je ook nog de gesmolten boter toe, en ook deze roer je erdoor. Vul nu je madeleineholtes van je bakvorm voor ongeveer 90 procent: er mag nog een streepje bakvorm zichtbaar zijn want de madeleines rijzen een beetje.
Bak ze zo'n 10 à 12 minuten in een voorverwarmde oven van 200°C en laat ze vervolgens afkoelen op een rooster.
Heerlijk voor bij de koffie of thee, mmmm!
donderdag 2 september 2010
Yoghurtcake met bessen
Dit gebak is heel lekker op kamertemperatuur maar is écht heerlijk om warm, vers uit de oven, op te eten. Voor een 6-tal personen zijn dit de ingrediënten:
300 gram bessen (mag diepvries zijn)
125 gram kristalsuiker
50 gram zachte boter
2 eieren
100 gram volle yoghurt
125 gram zelfrijzende bloem
2 el amandelschaafsel
wat poedersuiker om af te werken
Begin met het invetten van een ovenschaal met een inhoud van ong. 3/4 liter. Doe de bessen in een kom en schep ze om met twee eetlepels van de suiker. Doe de bessen-met-suiker vervolgens mooi uitgespreid op de bodem van de ingevette ovenschaal. Gebruik gerust dezelfde kom om nu het deeg van de cake te maken. Verwarm de oven voor op 160°C.
Mix (met de mixer of in de keukenmachine) de boter en de suiker tot een egale massa en voeg er vervolgens de eieren één voor één bij. Klop opnieuw tot een gladde massa en voeg dan ook de yoghurt toe. Spatel ten slotte ook nog de bloem snel en luchtig door het deeg. Verdeel het deeg gelijkmatig over de bosvruchten en bestrooi met de amandelschilfers.
Bak de cake in ongeveer drie kwartier gaar in de voorverwarmde oven.
Serveer liefst warm, met een portietje yoghurt erbij!
300 gram bessen (mag diepvries zijn)
125 gram kristalsuiker
50 gram zachte boter
2 eieren
100 gram volle yoghurt
125 gram zelfrijzende bloem
2 el amandelschaafsel
wat poedersuiker om af te werken
Begin met het invetten van een ovenschaal met een inhoud van ong. 3/4 liter. Doe de bessen in een kom en schep ze om met twee eetlepels van de suiker. Doe de bessen-met-suiker vervolgens mooi uitgespreid op de bodem van de ingevette ovenschaal. Gebruik gerust dezelfde kom om nu het deeg van de cake te maken. Verwarm de oven voor op 160°C.
Mix (met de mixer of in de keukenmachine) de boter en de suiker tot een egale massa en voeg er vervolgens de eieren één voor één bij. Klop opnieuw tot een gladde massa en voeg dan ook de yoghurt toe. Spatel ten slotte ook nog de bloem snel en luchtig door het deeg. Verdeel het deeg gelijkmatig over de bosvruchten en bestrooi met de amandelschilfers.
Bak de cake in ongeveer drie kwartier gaar in de voorverwarmde oven.
Serveer liefst warm, met een portietje yoghurt erbij!
donderdag 17 juni 2010
Chocolate cheesecake
Dit recept is oorspronkelijk van Nigella Lawson, maar ik heb er enkele aanpassingen aan gedaan die voor een ietwat lijnvriendelijker resultaat zorgden. Deze hoeveelheden zijn voor een taartvorm met een diameter van ongeveer 23 cm en je haalt er makkelijk 10 mooie porties uit. Je hoeft geen grote stukken af te snijden want deze taart is redelijk zwaar! De smaak is een perfecte combinatie van de frisse plattekaas en de zoete chocolade. Enjoy!
Ingrediënten
175 gram speculoosjes
1 el puur cacaopoeder
80 gram boter
300 gr Philadelphia natuur of een variant (light mag)
200 gr plattekaas (mager is goed genoeg)
150 gr fijne kristalsuiker
1 el puddingpoeder (Imperial)
3 eieren
150 gr zure room (sour cream, dikke room)
1 tl puur cacaopoeder, opgelost in 1 el warm water
175 gram pure chocolade.
Vet de springvorm of bakvorm in en maak eerst de bodem: verkruimel de speculoosjes in de blender of door ze in een zakje kapot te kloppen met de deegroller of een fles. Smelt de boter en voeg er de koekjeskruimels en eetlepel cacaopoeder aan toe. Doe dit mengsel in de bakvorm en verspreid het egaal over de bodem. Zet de vorm in de koelkast of 10 min. in de vriezer.
Intussen maak je de vulling van de taart met de kloppers van de mixer of gewoon met een klopper. Smelt eerst de chocolade voorzichtjes in de microgolf (ik doe dit op ontdooistand en roer om de halve minuut even om). Roer hem goed door en laat hem een beetje afkoelen. Meng met de klopper de philadelphia, de plattekaas, de suiker, het puddingpoeder, de eieren en de zure room. Klop goed tot alles mooi gemengd is. Los het cacaopoeder op in het warme water en mix deze er ook door. Ten slotte mag nu ook de gesmolten en ietwat afgekoelde chocolade erdoor gemengd worden.
ccc
Dit is een van de redenen waarom ik zo graag met chocolade werk: die prachtige 'swirls' van bruin in het witte mengsel wanneer je die massa aan het doorroeren bent. Maar de voornaamste reden is natuurlijk de heerlijke chocoladesmaak ;-)
ccc
De vulling lijkt nu zeer vloeibaar, maar dat hoort zo, geen paniek! Wat nu volgt, klinkt ingewikkeld maar is doodsimpel: we bakken onze taart au bain marie. Verwarm de oven alvast voor op 180°C. Haal de bakvorm uit de koelkast en giet al de vulling bovenop de koekjesbodem. Neem een braadslede waar de bakvorm in kan, of zoals ik deed, gewoon een bakvorm van een iets grotere diameter. Giet nu heet water in de buitenste bakvorm, tot het ongeveer halfweg de binnenste bakvorm staat. Plaats dit geheel nu volledig in de oven. Wie te weinig bakvormen heeft, mag altijd proberen om het zonder bain marie te doen, laat mij eens weten of dit ook lukt?
De taart moet ongeveer 3 kwartier à een uur bakken, bij mij had hij 50 minuten nodig. De taart is klaar als hij stevig is aan de randen maar nog een beetje 'lillend' in het midden.
Als hij klaar is, laat je de taart volledig afkoelen (kamertemperatuur + frigo) alvorens te ontvormen. En dan ... aanvallen!!
Ingrediënten
175 gram speculoosjes
1 el puur cacaopoeder
80 gram boter
300 gr Philadelphia natuur of een variant (light mag)
200 gr plattekaas (mager is goed genoeg)
150 gr fijne kristalsuiker
1 el puddingpoeder (Imperial)
3 eieren
150 gr zure room (sour cream, dikke room)
1 tl puur cacaopoeder, opgelost in 1 el warm water
175 gram pure chocolade.
Vet de springvorm of bakvorm in en maak eerst de bodem: verkruimel de speculoosjes in de blender of door ze in een zakje kapot te kloppen met de deegroller of een fles. Smelt de boter en voeg er de koekjeskruimels en eetlepel cacaopoeder aan toe. Doe dit mengsel in de bakvorm en verspreid het egaal over de bodem. Zet de vorm in de koelkast of 10 min. in de vriezer.
Intussen maak je de vulling van de taart met de kloppers van de mixer of gewoon met een klopper. Smelt eerst de chocolade voorzichtjes in de microgolf (ik doe dit op ontdooistand en roer om de halve minuut even om). Roer hem goed door en laat hem een beetje afkoelen. Meng met de klopper de philadelphia, de plattekaas, de suiker, het puddingpoeder, de eieren en de zure room. Klop goed tot alles mooi gemengd is. Los het cacaopoeder op in het warme water en mix deze er ook door. Ten slotte mag nu ook de gesmolten en ietwat afgekoelde chocolade erdoor gemengd worden.
ccc
Dit is een van de redenen waarom ik zo graag met chocolade werk: die prachtige 'swirls' van bruin in het witte mengsel wanneer je die massa aan het doorroeren bent. Maar de voornaamste reden is natuurlijk de heerlijke chocoladesmaak ;-)
ccc
De vulling lijkt nu zeer vloeibaar, maar dat hoort zo, geen paniek! Wat nu volgt, klinkt ingewikkeld maar is doodsimpel: we bakken onze taart au bain marie. Verwarm de oven alvast voor op 180°C. Haal de bakvorm uit de koelkast en giet al de vulling bovenop de koekjesbodem. Neem een braadslede waar de bakvorm in kan, of zoals ik deed, gewoon een bakvorm van een iets grotere diameter. Giet nu heet water in de buitenste bakvorm, tot het ongeveer halfweg de binnenste bakvorm staat. Plaats dit geheel nu volledig in de oven. Wie te weinig bakvormen heeft, mag altijd proberen om het zonder bain marie te doen, laat mij eens weten of dit ook lukt?
De taart moet ongeveer 3 kwartier à een uur bakken, bij mij had hij 50 minuten nodig. De taart is klaar als hij stevig is aan de randen maar nog een beetje 'lillend' in het midden.
Als hij klaar is, laat je de taart volledig afkoelen (kamertemperatuur + frigo) alvorens te ontvormen. En dan ... aanvallen!!
zaterdag 12 juni 2010
Pastaslaatje met scampi's en nog veel meer
Nodig voor 2 personen (hoofdgerecht)
400 gr orechiette (kleine pastaschelpjes)
12-tal scampi's (al dan niet diepvries)
100 gram garnaaltjes
1 teentje look
1 tomaat
1 gele paprika
1 kiwi
100 gram rauwe of gerookte ham (vervangbaar door gerookte zalm)
1/2 komkommer
evt. een restje sla, in kleine stukjes gescheurd (moet er geen nieuwe voor kopen)
handjevol pitloze blauwe druiven
4 à 5 eetlepels groene/rode pesto of tapenade
likje olijfolie
klontje boter om te bakken
ccc
Eerst en vooral breng je een pot water aan de kook en kook je de pasta zoals aangegeven staat op de verpakking. Wanneer de pasta klaar is, giet je ze af en spoel je ze een minuutje lang met koud water. Roer er vervolgens voorzichtjes een likje olijfolie door, om het kleven te vermijden. Begin ook ruim op voorhand met het zwaarste klusje: de scampi's kuisen. Dit gaat het best als je ze wel al een beetje ontdooid hebt in de microgolf (als je diepvriesgarnalen koopt) maar ze nog niet gaar zijn (als je ze te lang in microgolf steekt, heb je dat probleem dus wel). Verwijder de volledige schelp rondom de scampi, inclusief staartje. Maak vervolgens met een scherp mes een inkeping in de rug van het beestje, langs de zwarte ader die je ziet lopen. Trek die zwarte ader er volledig uit, dit is het darmkanaal van de scampi. Als je scampi te lang in de microgolf gezeten heeft, is het darmkanaal helemaal in brokjes, in dat geval spoel ik het gewoon weg onder de kraan ipv met mijn mesje te blijven peuteren.
ccc
Laat de boter smelten in de pan, voeg het gesnipperd teentje look toe en een minuutje later ook de scampi's en bak ze mooi gaar in de lookboter. Als je dat wilt, kun je ook de garnaaltjes eventjes meewarmen, maar je kunt ze ook rauw toevoegen.
De tomaat, komkommer, druifjes, sla en kiwi spoel je, droog je af en snij je allemaal in kleine stukjes. De gele paprika kun je ook gewoon rauw toevoegen in kleine stukjes, maar ik vind het veel lekkerder om hem eerst te roosteren: Verwarm je oven voor op 210°C en leg wat bakpapier of aluminiumfolie op de bakplaat. Snijd de paprika in de lengte doormidden en haal de zaadjes en zaadlijsten eruit. Leg de paprikahelften met het snijvlak naar onderen op de bakplaat en laat ze minstens een kwartier in de oven. Op den duur zal het vel zwartblakeren en blazen vertonen. Dan pas mag je ze uithalen, het vel hoort dus zwart te zijn! Neem de hete paprika's uit de oven en doe ze onmiddellijk in een plastieken zakje of een diepvrieszakje, dat je mooi dichtdoet. Laat de paprika's hierin 10 minuutjes of langer afkoelen. Door de damp in het zakje, zullen de paprika's hun eigen vel losweken. Op die manier kun je vervolgens zeer gemakkelijk het velletje gewoon lostrekken van de paprika's. Het vruchtvlees is nu gaar en dus zachter en zoeter van smaak. Het vruchtvlees heeft hier en daar wel een bruine plek, maar mag niet zelf zwart zijn!
ccc
Snij ook de rauwe ham of gerookte zalm in stukjes.
Stel vervolgens de salade samen door alle ingrediënten in een slakom te doen en er ten slotte de pesto of tapenade voorzichtjes door te roeren. Ook zonder pesto of tapenade is dit een lekker slaatje, maar de pesto geeft het wel wat extra smaak.
ccc
Heerlijk op een zomerse dag en ideaal om mee te nemen op een picknick!
maandag 31 mei 2010
Elk-moment-van-de-dag-gebak
Dit gebak is zowel passend als ontbijt, als tien- of vieruurtje, als dessert of als late avondsnack.
De 'officiële' naam is Amandel-bramenkoek.
Je snijdt het in vierkantjes van twee happen groot en deelt ze vooral uit aan zoveel mogelijk mensen! Met deze hoeveelheden heb je genoeg om een 8-tal personen van enkele stukken te voorzien.
Ingrediënten:
225 gr boter (ongezouten, op kamertemperatuur)
165 gr fijne suiker
2 tl vanille-aroma
200 gr amandelschaafsel
40 ml melk
225 gr zelfrijzende bloem
40 gr maïzena
150 gr braambessen- of viervruchtenconfituur
100 gr (diepvries)braambessen of gemengde bessen
Als je met diepvriesfruit werkt, haal je dit best nu al uit de diepvries zodat het wat kan ontdooien, dit mag natuurlijk ook in de microgolfoven op ontdooistand.
Verwarm 60 gram van de boter, 55 gram van de suiker, 1 tl vanille-aroma, het amandelschaafsel en de melk in een steelpan of pot op een zacht vuurtje tot de boter gesmolten is. Neem van het vuur en laat afkoelen.
Maak nu het deeg: doe de rest van de boter (165 gr), suiker (110 gr) en vanille in een deegkom en klop dit met de kloppers van je mixer tot je een licht en crèmig mengsel hebt. Zeef de bloem met de maïzena en voeg dit in twee keren toe terwijl je blijft kloppen op lage snelheid, tot alles net gemengd is (op het eind krijgt de mixer het wat moeilijk want het is een vaste massa).
Het deeg ziet er nu brokkelig uit, maar dat is de bedoeling. Vet een bakvorm van ongeveer 20 x 25 cm in, of gebruik de bakplaat van je oven, als je een klein oventje hebt. Verwarm je oven voor op 180°C. Doe al het deeg in de bakvorm en druk het er mooi verspreid in met je vingers. Bak de deegbodem 15 à 20 minuutjes, afhankelijk van de grootte van je bakvorm. Het deeg moet mooi lichtjes bruin kleuren. Laat dit een 10-tal minuten afkoelen maar laat de oven aanliggen.
Meng intussen de confituur met de (diepvries)vruchten en prak het fruit lichtjes door de confituur: er mogen nog brokjes inzitten, maar geen hele bramen. Verdeel dit over de deegbodem en strijk mooi uit. Vervolgens probeer je ook het amandelmengsel gelijkmatig hierover te verdelen, ga voorzichtig tewerk zodat de drie lagen nog mooi te onderscheiden zijn. Bak het geheel ten slotte nog eens 20 minuten, tot de amandelschilfers mooi lichtbruin geroosterd zijn.
Laat afkoelen op een rooster en snijd in vierkantjes.
Een aanrader!
Gnocchi met tomatensaus en mozzarella
Bij deze bied ik jullie nogmaals een heerlijk simpel, veggie en snel pastareceptje.
De fanatiekelingen mogen zelf hun gnocchi maken, ik deed het met gnocchi uit de winkel.
Ingrediënten voor 3 personen of twee flinke eters:
Tomatenblokjes uit blik (800 gr)
2 teentjes knoflook (eentje als je niet zo dol bent op look)
evt. enkele drupjes tabasco
3 eetlepels fijngesneden vers basilicum (of gedroogd uit potje als je geen verse hebt)
1 verpakking (ong. 600) gram gnocchi (frigo's in supermarkt)
1 zakje geraspte mozzarella (100 à 150 gram nodig)
Vul een pot met water om de gnocchi gaar te koken in een 3-tal minuutjes. Neem een andere pot om de tomatensaus te maken. Fruit de gesnipperde look eventjes in olijfolie en voeg de tomaten, basilicum en evt. tabasco toe. Breng aan de kook en laat een 10-tal minuten inkoken op middelmatig vuur, zonder deksel zodat de saus wat kan indikken. Als de saus klaar is, giet je de gekookte en uitgelekte gnocchi bij de saus en meng je ze voorzichtjes met elkaar.
Vet een ovenschaal lichtjes in en doe de gnocchi-met-saus erin. Strooi er zoveel geraspte mozzarella (*) over als je zelf lekker vindt, en plaats de ovenschotel een 3-tal minuutjes in de hete oven op grillstand, tot de kaas bubbelt en goudbruin is.
Heet serveren met (stok)brood of een in de oven gewarmd kruiden- of lookbroodje!
Een lekker en eenvoudig gerechtje zonder veel poeha. Smakelijk!
* Mozzarella: neem geen bolletje mozzarella, deze heeft een andere structuur. Geraspte mozzarella is gemaakt om mooi uit te smelten, koop dus een zakje geraspte mozzarella!
De fanatiekelingen mogen zelf hun gnocchi maken, ik deed het met gnocchi uit de winkel.
Ingrediënten voor 3 personen of twee flinke eters:
Tomatenblokjes uit blik (800 gr)
2 teentjes knoflook (eentje als je niet zo dol bent op look)
evt. enkele drupjes tabasco
3 eetlepels fijngesneden vers basilicum (of gedroogd uit potje als je geen verse hebt)
1 verpakking (ong. 600) gram gnocchi (frigo's in supermarkt)
1 zakje geraspte mozzarella (100 à 150 gram nodig)
Vul een pot met water om de gnocchi gaar te koken in een 3-tal minuutjes. Neem een andere pot om de tomatensaus te maken. Fruit de gesnipperde look eventjes in olijfolie en voeg de tomaten, basilicum en evt. tabasco toe. Breng aan de kook en laat een 10-tal minuten inkoken op middelmatig vuur, zonder deksel zodat de saus wat kan indikken. Als de saus klaar is, giet je de gekookte en uitgelekte gnocchi bij de saus en meng je ze voorzichtjes met elkaar.
Vet een ovenschaal lichtjes in en doe de gnocchi-met-saus erin. Strooi er zoveel geraspte mozzarella (*) over als je zelf lekker vindt, en plaats de ovenschotel een 3-tal minuutjes in de hete oven op grillstand, tot de kaas bubbelt en goudbruin is.
Heet serveren met (stok)brood of een in de oven gewarmd kruiden- of lookbroodje!
Een lekker en eenvoudig gerechtje zonder veel poeha. Smakelijk!
* Mozzarella: neem geen bolletje mozzarella, deze heeft een andere structuur. Geraspte mozzarella is gemaakt om mooi uit te smelten, koop dus een zakje geraspte mozzarella!
Zalig zachte rabarbercake
Om het begin van de zomer in te luiden,
hier een Zalig Zacht en Zoet rabarberreceptje.
De cake is heerlijk luchtig en zoet en past perfect bij de frisse smaak van de rabarber!
Het is eigenlijk een plaatcake, wat dus inhoudt dat hij een grote, rechthoekige vorm heeft.
Mensen met een klein oventje hebben geluk, zij kunnen gewoon de bakplaat van hun oven als 'bakvorm' gebruiken, in dat geval vetten ze deze bakplaat goed in én leggen bakpapier op de bodem en randen ervan. Mensen met een grote inbouwoven hebben ietsje te grote bakplaten voor deze cake. Zij kunnen ofwel een grote, rechthoekige bakvorm van ongeveer 20 x 30 cm nemen, ofwel zelf eentje knutselen zoals ik gedaan heb (bespaart in afwas!).
Je snijdt een stuk bakpapier af van ongeveer 40 cm lang. Langs alle vier de zijden van dit stuk papier plooi je tweemaal een randje van ongeveer 3 cm breed op. Dus krijg je dubbeldikke randjes van ongeveer 3 cm breed, waarvan je de hoeken mooi vastmaakt met paperclips. De volgende keer dat ik dit doe, trek ik er wél een foto van en zet ik die online.
En dan nu... het recept!
vvvv
Ingrediënten:
200 gr (room)boter
50 ml karnemelk (ongezoet!)
225 gr kristalsuiker
200 gr zelfrijzende bloem of bloem + bakpoeder
1 zakje vanillesuiker
400 gr rabarber
3 eieren
beetje poedersuiker, om te bestuiven achteraf
vvv
Mix (met de kloppers van een mixer als je die hebt) de boter (op kamertemperatuur *) met 200 gram van de suiker, de vanillesuiker en een flinke snuf zout tot je een homogeen, zacht en schuimig, crèmig mengsel hebt. Klop er de eieren één voor één doorheen: voeg het volgende ei pas toe als het vorige helemaal opgenomen is.
Voeg de karnemelk toe en meng goed. Zeef de bloem (en bakpoeder) als je daar het geduld voor kunt opbrengen en voeg dit toe aan het beslag. Meng dit luchtig, vrij vertaald wil dit dus zeggen dat je geen 3 minuten moet blijven roeren tot elk klein klontertje verdwenen is, maar gewoon zorgen dat alles mooi gemengd is.
Giet het deeg in je ingevette bakvorm, bakplaat of zelfgefabriceerde vorm.
Maak de rabarber schoon: snijd de uiteinden af en was en droog de stengels zorgvuldig. Snijd stukken rabarber die net lang genoeg zijn om in de lengte in je cake te passen. Verdeel de stukken rabarber nu mooi over je deeg en duw ze een beetje in het deeg. Zelf heb ik de rabarber behoorlijk diep erin geduwd, zodat de rabarber niet zichtbaar was van bovenaf, maar het is ook mooi om ze wel zichtbaar te laten en dus minder diep te duwen.
Bak de cake in een voorverwarmde oven van 160 graden gedurende 50 à 55 minuten. Bij mij was hij na 50 minuten al mooi klaar. Je checkt na een halfuurtje best eens of de bovenkant al mooi bruin is. Bij mij was dit het geval: na 30 minuten was de cake al mooi goudbruin zoals ik hem wou hebben, maar hij moest er nog 20 minuten inblijven om te garen, dus zou hij donkerbruin worden. Als dat ook bij jou het geval is, leg dan een stuk aluminiumfolie op de bovenkant. Zo wordt de cake niet bruiner, maar gaart hij binnenin wel mooi verder.
Als je de cake in een zelfgemaakte papieren vorm gemaakt hebt, transporteer deze dan na het bakken (dus cake + papieren vorm) naar een rooster om af te koelen. Als je ze in een ander soort vorm gemaakt hebt, laat dan volledig afkoelen in de vorm (maar wel uit de oven). Bestuif ten slotte met poedersuiker voor een professioneel effect. En dan ... uitdelen maar! Succes gegarandeerd.
cccc
* Boter op kamertemperatuur: als je hier geen tijd of zin in hebt, leg je je boter gewoon een 5-tal seconden op volle kracht in de microgolf. Je merkt zelf hoeveel seconden je nodig hebt, maar begin altijd met een weinig seconden: het is niet de bedoeling om de boter te smelten, enkel wat zachter maken!
woensdag 14 april 2010
Tagliatelle met paddenstoelen en walnoten
Hier opnieuw een receptje dat zowel voor veggies als vleeseters geschikt is.
De vleeseters kunnen namelijk een 200 gram ontbijtspek, pancetta of bacon in de saus verwerken, de veggies laten dit gewoon weg. Oké, here we go!
Ingrediënten voor 2 personen met een stevige honger:
- 200 gram spek (eventueel)
- 250 à 300 gram tagliatelle
- 200 gram champignons of oesterzwammen
- 50 gram walnoten
- 2 tenen look
- een handjevol verse peterselie
- 200 ml room (mag light of sojaroom zijn!)
- 100 gram geraspte kaas.
- een beetje olie of boter voor de pan
Snij eerst alles in stukjes zoals hierna beschreven alvorens de pan op het vuur te zetten, als je geen aangebrande boter en/of knoflook wilt.
Begin met de paddenstoelen: veeg ze voorzichtjes schoon met een doekje of borsteltje en snij ze in stukken. Champignons snij je in kwartjes, als je oesterzwammen gekocht hebt, snij je ze in een 10-tal stukjes. Zet water op het vuur om je tagliatelle in te koken. (En kook dan ook effectief uw tagliatelle als uw water kookt hé)
Pel de teentjes look en snij ze in kleine stukjes. Neem nu ook de walnoten en breek of snij ze in stukjes. Verhit de olie of boter in een grote pan of pot en bak er de look (en de spek in stukjes) een minuutje in, roer wel nu en dan om want look is nogal gevoelig voor aanbranden. Doe er vervolgens de paddenstoelen en walnoten bij. Bak dit alles een 3-tal minuutjes terwijl je nu en dan omroert en zorg steeds dat er genoeg vetstof in de pan is! Giet vervolgens de room in de pan en laat alles goed doorwarmen. Ten slotte voeg je de geraspte kaas toe. Roer goed door, tot de kaas gesmolten is in de saus, en zet vervolgens het vuur af. Giet de pasta af en meng de saus goed doorheen de pasta.
Versnipper de peterselie en strooi ze over de pasta.
Eventueel ook nog wat geraspte kaas op tafel zetten om erover te strooien.
Een snel en lekker gerechtje!
Labels:
hoofdgerecht,
pasta,
veggie
woensdag 24 maart 2010
Aardappeltaart
Je hebt nodig:
1/2 kg petatjes (vastkokende)
2 preien (enkel het wit)
5-tal worteltjes
2 eieren
eventueel beetje (soja)room
100 gr geraspte kaas
voor vleesversie: hespeblokjes
taartvorm, best een springvorm
Je begint met de groenten: maak je preien en worteltjes schoon en snij ze in schijfjes. Stoof ze samen in wat boter op een middelhoog vuurtje tot ze beetgaar zijn.
Schil intussen de petatjes en snij ze in flinterdunne plakjes, zo'n 3 mm dikte is goed.
Dit gaat rapper dan je zou denken hoor, eenmaal het 'n beetje in je handen zit.
Vet je (spring)vorm in. Als je een gewone taartvorm neemt, of zo'n ronde porseleinen schaal, lukt het natuurlijk ook, maar dan laat je hem best in de vorm zitten, want een poging tot ontvormen overleeft deze taart wellicht niet.
Schik je aardappelplakjes op de bodem en langs de zijkanten van de vorm. Normaal gezien blijven de plakjes een beetje plakken in de boter van het invetten, dus zo moeilijk is het niet.
Neem dan je gestoofde groentjes en verdeel ze gelijkmatig en voorzichtig over de aardappelbodem. Doe hetzelfde met de eventuele hespeblokjes.
Dek ten slotte ook af met een laagje aardappelschijfjes.
Verwarm je oven voor op 180°C.
Kluts je twee eitjes in een schaaltje en meng er de geraspte kaas door. Als je een restje room staan hebt, mag je er ook gerust een 2-tal eetlepels bijdoen. Of 2 eetlepels melk mag ook.
Giet dit mengseltje voorzichtig over je taart, zorg dat er overal op de taart wat van dit mengsel ligt.
Dek de taart losjes af met bakpapier of aluminiumfolie (er gewoon een vel op leggen) en bak hem 40 minuten in je voorverwarmde oven. Neem het papier of folie weg 5 minuten voor het einde van de baktijd.
Ziet er fantastisch uit en is eigenlijk echt niet zoveel werk.
Succes ermee!
woensdag 9 december 2009
Luchtige en toch calorie-arme chocomousse
Mmm...een heerlijke chocomousse, dat gaat er altijd wel in, vind je ook niet?
Maar de lekkerste, luchtigste mousses zijn meestal zo heerlijk luchtig dankzij de opgeklopte (vette) room, en dus niet zo lief voor de lijn.
Als je een fornuis (of microgolf) en een mixer met kloppers hebt,
kun je aan de slag voor een calorie-armere variant.
Voor 4 porties:
100 gr pure chocolade
65 gr poedersuiker
4 eiwitten
Breek de chocolade in stukjes en smelt ze. Dit doe je best au bain marie, maar ik doe het altijd op de ontdooistand van de microgolf (vaak omroeren!), en dat lukt ook prima.
Dit doe je best eerst, omdat de gesmolten chocolade dan opnieuw wat kan afkoelen terwijl je de eiwitten opklopt. Roer tussendoor nu en dan wel eens in de vloeibare chocolade, en laat ze nu ook geen kwartier staan, want dan zal ze al opnieuw aan het stollen zijn.
Klop de eiwitten op met de kloppers van de mixer, in een schone en droge kom. Blijf kloppen tot het eiwit echt stijf is (liefhebbers kunnen de kom eens ondersteboven boven hun hoofd houden).
Als het eiwit stijf is, doe je de poedersuiker erbij en klop je opnieuw een minuutje met de mixer.
En nu is het dus de bedoeling dat je het eiwit mengt met de chocolade, en dáár zit het hem. Als je dit mis aanpakt, heb je lopende chocomousse, als je het goed doet, heb je stevige en luchtige chocomousse. Je doet de eiwitten bij de chocolade (niet andersom) en in tegenstelling tot wat alle andere recepten zeggen, spatel ik de eiwitten niet door de chocolade met een lepel, maar zet ik gewoon nog een 10-tal seconden mijn mixer in dit mengsel, tot alles mooi egaal gemengd is, en niet langer.
Vervolgens giet je de chocomousse in potjes of kommetjes die je onmiddellijk in de frigo zet. Reken toch maar op een 4-tal uren opstijftijd in de koelkast, dus maak ze lang genoeg vooraf! Maar zoals je merkt is de bereidingstijd zelf echt niet lang, in een halfuurtje heb je verse chocomousse gemaakt (excl. afwas).
Versier ze ten slotte nog met wat chocoladeschaafsel en klaar!
Geen liefhebber van pure chocolade? Dan vervang je ze gewoon door melkchocolade,
maar dan zou 50 gr. poedersuiker moeten volstaan (zelf nog niet geprobeerd).
Succes ermee!
Maar de lekkerste, luchtigste mousses zijn meestal zo heerlijk luchtig dankzij de opgeklopte (vette) room, en dus niet zo lief voor de lijn.
Als je een fornuis (of microgolf) en een mixer met kloppers hebt,
kun je aan de slag voor een calorie-armere variant.
Voor 4 porties:
100 gr pure chocolade
65 gr poedersuiker
4 eiwitten
Breek de chocolade in stukjes en smelt ze. Dit doe je best au bain marie, maar ik doe het altijd op de ontdooistand van de microgolf (vaak omroeren!), en dat lukt ook prima.
Dit doe je best eerst, omdat de gesmolten chocolade dan opnieuw wat kan afkoelen terwijl je de eiwitten opklopt. Roer tussendoor nu en dan wel eens in de vloeibare chocolade, en laat ze nu ook geen kwartier staan, want dan zal ze al opnieuw aan het stollen zijn.
Klop de eiwitten op met de kloppers van de mixer, in een schone en droge kom. Blijf kloppen tot het eiwit echt stijf is (liefhebbers kunnen de kom eens ondersteboven boven hun hoofd houden).
Als het eiwit stijf is, doe je de poedersuiker erbij en klop je opnieuw een minuutje met de mixer.
En nu is het dus de bedoeling dat je het eiwit mengt met de chocolade, en dáár zit het hem. Als je dit mis aanpakt, heb je lopende chocomousse, als je het goed doet, heb je stevige en luchtige chocomousse. Je doet de eiwitten bij de chocolade (niet andersom) en in tegenstelling tot wat alle andere recepten zeggen, spatel ik de eiwitten niet door de chocolade met een lepel, maar zet ik gewoon nog een 10-tal seconden mijn mixer in dit mengsel, tot alles mooi egaal gemengd is, en niet langer.
Vervolgens giet je de chocomousse in potjes of kommetjes die je onmiddellijk in de frigo zet. Reken toch maar op een 4-tal uren opstijftijd in de koelkast, dus maak ze lang genoeg vooraf! Maar zoals je merkt is de bereidingstijd zelf echt niet lang, in een halfuurtje heb je verse chocomousse gemaakt (excl. afwas).
Versier ze ten slotte nog met wat chocoladeschaafsel en klaar!
Geen liefhebber van pure chocolade? Dan vervang je ze gewoon door melkchocolade,
maar dan zou 50 gr. poedersuiker moeten volstaan (zelf nog niet geprobeerd).
Succes ermee!
woensdag 2 december 2009
Lepelhapjes voor dummies
Zelfs al heb je twee linkerhanden,
zelfs al staan je amuse-bouchelepels enkel ter decoratie in je kast,
dit is eindelijk eens een lepelhapje dat óók jij kunt maken!
Bovendien op en top veggie, maar ik doe er een vlees-suggestietje bovenop!
Heb je geen amuse-bouchelepels? Mini-aperitiefbordjes of -glaasjes
of kleine dreupelglaasjes doen het ook prima met een vorkje erbij.
Ingrediënten voor zo'n 12 lepels
1 rijpe peer
1 potje smeerbare of 1 rolletje vaste Chavroux
enkele blaadjes verse munt (in elke supermarkt te koop)
1 handjevol pijnboompitten
ongeveer 5 el olijfolie
ongeveer 3 el lichte of donkere balsamico-azijn (in elke supermarkt te koop)
Vind je de smaak van pijnboompitten ook zo heerlijk? Dan kun je voor dit receptje alvast beginnen met het roosteren van de pijnboompitten, dan smaken ze extra door. Dit doe je door je pijnboompitten eventjes te bakken op een middelmatig vuurtje in een antikleefpan zonder vetstof. Als ze bruin beginnen te kleuren en je hele keuken heerlijk naar pitjes ruikt, neem je de pan van het vuur. Hou je de smaak van de pijnboompitten liever gewoon neutraal? Dan gebruik je ze gewoon zo, rechtstreeks uit het pakske.
Je maakt de lepels best niet veel langer dan een halfuurtje op voorhand, vlak voor je volk arriveert, kwestie dat de peer nog wat appetijtelijk is.
Je begint met de peer: die snijd je in kleine dobbelsteentjes, van zo'n 0,5 op 0,5 cm. Je kiest zelf of je de peer schilt of niet. Besprenkel de peer liever niet met citroensap tegen het verkleuren, want de smaak van citroen past niet in dit hapje. Kies er dan liever voor om de peer luchtdicht verpakt in je frigo te bewaren, als dat nodig zou zijn. Verspreid deze blokjes over de lepels.
Neem nu het potje/rolletje Chavroux. Als je voor smeerbare Chavroux gaat, mag je er wat guller mee zijn, want die smaakt milder dan de vaste versie. Je neemt telkens een flinke mespunt Chavroux en verspreidt een 5-tal kloddertjes over elke lepel. Voor vaste Chavroux: een 3-tal mooi afgesneden stukjes.
Vervolgens verdeel je de (al dan niet geroosterde) pijnboompitjes over de lepels. Voor controlefreaks: dat mogen een 7-tal pijnboompitjes per lepel zijn.
De muntblaadjes snij of scheur je in kleine stukjes, die je telkens bovenop elke lepel legt.
Dit is op zich al een lekker lepelhapje, maar de vloeistoffen maken het lekkerder, specialer en verfijnder. Verdeel voorzichtjes en egaal een theelepel olijfolie over elk lepelhapje. Als smakelijke afsluiter druppel je ten slotte ook nog een 3-tal druppels balsamico-azijn over elk hapje. Dit is een heerlijk zoete azijn, die je ook voor desserts kunt gebruiken. Geen balsamico-azijn in huis en toevallig wel frambozenazijn? Dan mag je het ook daarmee proberen voor een even lekker en extra fruitig hapje.
De liefhebbers mogen ook even hun pepermolen over elke lepel laten passeren voor wat extra pit en smaak.
Snel klaar, origineel en écht lekker!
Succes ermee!
Voor de carnivoren:
begin met je lepel te bekleden met fijngesneden stukjes rauwe ham of parmaham,
en volg vanaf dan al de andere stappen hierboven.
zelfs al staan je amuse-bouchelepels enkel ter decoratie in je kast,
dit is eindelijk eens een lepelhapje dat óók jij kunt maken!
Bovendien op en top veggie, maar ik doe er een vlees-suggestietje bovenop!
Heb je geen amuse-bouchelepels? Mini-aperitiefbordjes of -glaasjes
of kleine dreupelglaasjes doen het ook prima met een vorkje erbij.
Ingrediënten voor zo'n 12 lepels
1 rijpe peer
1 potje smeerbare of 1 rolletje vaste Chavroux
enkele blaadjes verse munt (in elke supermarkt te koop)
1 handjevol pijnboompitten
ongeveer 5 el olijfolie
ongeveer 3 el lichte of donkere balsamico-azijn (in elke supermarkt te koop)
Vind je de smaak van pijnboompitten ook zo heerlijk? Dan kun je voor dit receptje alvast beginnen met het roosteren van de pijnboompitten, dan smaken ze extra door. Dit doe je door je pijnboompitten eventjes te bakken op een middelmatig vuurtje in een antikleefpan zonder vetstof. Als ze bruin beginnen te kleuren en je hele keuken heerlijk naar pitjes ruikt, neem je de pan van het vuur. Hou je de smaak van de pijnboompitten liever gewoon neutraal? Dan gebruik je ze gewoon zo, rechtstreeks uit het pakske.
Je maakt de lepels best niet veel langer dan een halfuurtje op voorhand, vlak voor je volk arriveert, kwestie dat de peer nog wat appetijtelijk is.
Je begint met de peer: die snijd je in kleine dobbelsteentjes, van zo'n 0,5 op 0,5 cm. Je kiest zelf of je de peer schilt of niet. Besprenkel de peer liever niet met citroensap tegen het verkleuren, want de smaak van citroen past niet in dit hapje. Kies er dan liever voor om de peer luchtdicht verpakt in je frigo te bewaren, als dat nodig zou zijn. Verspreid deze blokjes over de lepels.
Neem nu het potje/rolletje Chavroux. Als je voor smeerbare Chavroux gaat, mag je er wat guller mee zijn, want die smaakt milder dan de vaste versie. Je neemt telkens een flinke mespunt Chavroux en verspreidt een 5-tal kloddertjes over elke lepel. Voor vaste Chavroux: een 3-tal mooi afgesneden stukjes.
Vervolgens verdeel je de (al dan niet geroosterde) pijnboompitjes over de lepels. Voor controlefreaks: dat mogen een 7-tal pijnboompitjes per lepel zijn.
De muntblaadjes snij of scheur je in kleine stukjes, die je telkens bovenop elke lepel legt.
Dit is op zich al een lekker lepelhapje, maar de vloeistoffen maken het lekkerder, specialer en verfijnder. Verdeel voorzichtjes en egaal een theelepel olijfolie over elk lepelhapje. Als smakelijke afsluiter druppel je ten slotte ook nog een 3-tal druppels balsamico-azijn over elk hapje. Dit is een heerlijk zoete azijn, die je ook voor desserts kunt gebruiken. Geen balsamico-azijn in huis en toevallig wel frambozenazijn? Dan mag je het ook daarmee proberen voor een even lekker en extra fruitig hapje.
De liefhebbers mogen ook even hun pepermolen over elke lepel laten passeren voor wat extra pit en smaak.
Snel klaar, origineel en écht lekker!
Succes ermee!
Voor de carnivoren:
begin met je lepel te bekleden met fijngesneden stukjes rauwe ham of parmaham,
en volg vanaf dan al de andere stappen hierboven.
Labels:
aperitief,
lepelhapje,
veggie
woensdag 5 augustus 2009
Heerlijk smeuïg chocolade-ijs
Grote paniek ten huize Kleintje, vorige week vrijdag. Want haar Keppe heeft in de nacht van donderdag op vrijdag een behoorlijk zware val gemaakt met de fiets. Resultaat: vijf draadjes in de kin en een gebroken kaak. Geen leuk nieuws dus, maar eenmaal de verrassing een beetje te boven gekomen, stelt zich het volgende probleem: knabbelfunctie volledig uitgeschakeld gedurende de volgende weken. Wat voor lekkers zou ik kunnen maken om mijn Keppe een beetje te troosten? Het zomerweertje gaf al direct het antwoord: ijs! Lekker verfrissend, troostend en geen tanden voor nodig!Dus ging ik aan de slag met de Philips ijsmachine. Ik zocht een recept in mijn verzamelmap, en deed vervolgens toch maar iets helemaal anders:
dit is hoe ik dit heerlijke chocolade-ijs maakte
voor 2 personen:
Ik smolt eerst en vooral 100 gram melkchocolade en liet deze wat afkoelen. Vervolgens klopte ik één eierdooier luchtig met 25 gram kristalsuiker (tot ze lichtgeel is). Met een klopper roerde ik vervolgens 1,5 dl room (20% v.g.) en 3 dl (halfvolle of volle) melk door de gesmolten chocolade, vervolgens meng je ook de eierdooier met suiker doorheen het chocolademengsel. Je schakelt je ijsmachine aan op de stand roomijs, en giet dit mengsel erin. Na een 40-tal minuten is je heerlijk smeuïg (en niet zo supercalorierijk) chocolade-ijs klaar, en heb je een perfecte hoeveelheid voor 2 personen.
Ik heb het zelf nog nooit geprobeerd, maar normaalgezien zou het ook moeten lukken voor wie géén ijsmachine heeft, en wel als volgt:
je maakt het mengsel zoals hierboven beschreven,
en je doet het in een diepvriesbestendig bakje of potje. Je plaatst het in de diepvriezer en haalt het elk halfuur eruit, om met een vork grondig te doorroeren om de ijskristallen te breken. Na vier uur zou je op die manier lekker romig ijs moeten bekomen. Hopelijk lukt het!
Zeker uitproberen!
Veel plezier ermee!
woensdag 24 juni 2009
Handige Tip

Maak je in dit zomers weertje graag zelf je eiersalade?
Het gaat veel sneller als je je hardgekookte eieren niet met een vork prakt, maar ze 2 x in de eiersnijder legt: eenmaal in de lengte en eenmaal in de breedte. Dan heb je allemaal ienieminipeuterige stukjes ei.
Mijn receptje voor eiersalade is ... welja, eigenlijk bestaat dat niet, want ik doe het op het gevoel.
Voor 1 belegd broodje pak ik twee hardgekookte eieren in brokjes, en dan doe ik er beetje per beetje mayonaise bij, tot de consistentie mij aanstaat. Mag ook low-fat mayonaise zijn natuurlijk. Dan geef ik er nog een goeie draai van de pepermolen bij, en als ik er staan heb, ook wat gehakte verse peterselie.
Dat leg ik dan op een bruin stokbroodje, dan flink wat cresson (tuinkers) erop, en een paar schijfjes tomaat. Lekker hoor!
vrijdag 5 juni 2009
Snelle pasta met romige tomatensaus
Deze pastasaus is supersnel klaar, en je kunt zoveel groenten toevoegen of weglaten als je zelf wilt. Een droomrecept, al zeg ik het zelf :-)
Ingrediënten: (voor 3 flinke porties)
één blik tomatensaus (al dan niet met brokjes)
één potje mascarpone (zo'n laag potje is voldoende)
eventueel wat groentjes: een bakje champignonnekes, wat worteltjes of courgette, ...
een pak pasta naar keuze (lekker met tortellini!)
een handvol pijnboompitjes
Je kunt het eigenlijk al raden, want zo moeilijk is het helemaal niet:
Verwarm in een pot op middelmatig vuur wat olie of boter, en stoof eerst je groentjes aan: champignonnekes, stukjes courgette, paprika, ...
Daarna doe je de tomatensaus erbij, en 2/3 van de mascarpone. Als je het graag nog wat romiger hebt, of een wat minder straffe tomatensmaak wilt, doe je heel het potje mascarpone erin.
Zet een pot water op, doe er zout en een flinke scheut olijfolie in en kook hierin de pasta. De olie in het water zal helpen voorkomen dat je pasta aan mekaar blijft kleven.
Rooster intussen je pijnboompitten, in mensentaal wil dit zeggen dat je ze goudbruin bakt in een pan met antiaanbaklaag, zonder vetstof. Hierdoor komt de lekkere geur van de pitjes echt goed vrij.
Als de groentjes gaar zijn, de saus goed heet is en de pasta bovendien ook nog eens gaar is, ben je klaar. Kruid de saus met basilicum, oregano en peper, leg wat pasta in een bord, lepel er wat saus bij, en garneer met de gebakken pijnboompitjes en eventueel ook enkele blaadjes vers basilicum als je dat staan hebt.
Een zeer snel en smakelijk gerechtje!
Labels:
hoofdgerecht,
pasta,
veggie
vrijdag 22 mei 2009
Fruitige plattekaastaart
Aanschouw hier, beste mensen, een héérlijke plattekaastaart. Weer geen goed nieuws voor de veggies helaas, want er moet gelatine in, maar met agar-agar moet het zeker ook lukken.
Voor de bodem verkruimel je een 30-tal speculaasjes tot fijne kruimels. Smelt 100 gram boter en meng die goed met de kruimels. Dit mengsel leg je op de bodem van een ronde vorm met een diameter van ongeveer 30 cm. Goed aandrukken en in de frigo zetten, of tien minuutjes in de diepvries kan ook. Snijd 2 bananen in schijfjes en leg ze op de speculaasbodem. Laat rusten in de frigo
Dan maak je het plattekaasmengsel: laat vijf gelatineblaadjes weken in koud water. Snij een 5-tal ananasringen uit blik in heel kleine stukjes, en bewaar het sap uit het blik! Meng een half kilootje plattekaas met één zakje vanillesuiker en roer er de stukjes ananas door. Bereid één zakje KlopKlop van Dr. Oetker (calorie-arme room). Warm het ananassap op in de microgolf of in een pannetje en roer er de uitgeknepen gelatine door en laat een beetje afkoelen. Meng het ananassap met gelatine vervolgens door het plattekaasmengsel. Meng nu ook de KlopKlop door de plattekaas. Stort het plattekaasmengsel op de banaanschijfjes en strijk mooi glad. Laat enkele uren rusten in de frigo om op te stijven. Versier vlak voor het serveren met kiwischijfjes (mag niet vooraf, want kiwi doet de werking van gelatine teniet), aardbeitjes, besjes of ander fruit. Snij in punten en serveer, zo simpel is het!
Smakelijk!
Abonneren op:
Posts (Atom)